Sinterklaasgedicht

Wiedewiedewiet, waar is rijmpiet?

“Sinterklaas zat laatst te denken, Wat zal onze Jantje eens schenken?”

Deze twee regels, iedereen die ooit het sinterklaasfeest heeft gevierd is er bekend mee. Het is met stipt op een de meest gejatte zin in de dichterswereld, en daarmee briljant. Is het echter een zin die je wilt blijven gebruiken voor je Sinterklaasgedichten? Die kans is klein. Het is immers zo standaard en je komt liever met iets unieks op de proppen. Om jou te helpen hebben we een aantal tips opgeschreven. Dan kan jij straks jou surprise een unieke twist geven.

Kort maar krachtig
De echte kunst voor het schrijven van een Sinterklaasgedicht zit hem in het kort en vlot zijn. Gebruik geen ellelange of moeilijke woorden en voorkom dat je er meer dan 10 in een zin gebruikt. Probeer een bepaalde cadans te voelen wanneer je schrijft, dat zorgt er voor dat het ritme in je gedicht logisch is. De zinnen kloppen en het aantal lettergrepen sluiten op elkaar aan.

To the point
Maak het een uitdaging om iemand precies te omschrijven zoals hij of zij is. Het is handig is je iemand daarvoor door en door kent. Pak een groot vel en schrijf kernwoorden op. Als jij die ene naam hoort, waar denk je dan aan? Wat is kenmerkend aan die ene persoon? Vraag eventueel andere mensen om wat steekwoorden, maar let wel op! Deze mensen moeten uiteraard niet in de groep van de surprise zitten. Vergeet daarnaast uiteraard niet om het positief en vriendelijk te houden. Sluit af met een compliment.

Origineel
We hebben het natuurlijk al kort gehad over de welbekende openingszin. Probeer dit soort clichés te vermijden. Probeer dingen net wat origineler te beschrijven. In plaats van Piet stopte snel een cadeautje in je schoen, maar moest er van mij pepernoten bij doen kan je ook het volgende schrijven in de paarse Nike’s van die lieve meid, kon piet behoorlijk wat pepernoten kwijt.

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*